Inloggen

Inloggen op uw account

Gebruikersnaam
Wachtwoord
Onthoud mij
 
 
MARTIAL-ARTS  SCHOOL  BODHI  DHARMA
KEMPO - DJU-SU - KICKBOKSEN - TAICHI - KUBOTAN - MARTIAL FIT

 

Blog

Maarten Molenaar

Tijdens de les leg ik verschillende dingen uit. Meestal gaat het om de juiste manier van techniekuitvoering en soms om de principes die daarachter zitten. Ook krijg ik met regelmaat vragen over onder andere martial-arts in het algemeen, (verbale- en mentale)weerbaarheid, wet- en regelgeving of waarom we bepaalde onderdelen op een specifieke manier trainen. Er komen met regelmaat nieuwe leden, sommige leden trainen niet op alle dagen en vragen komen ook na verloop van tijd weer terug. Redenen genoeg om zaken vast te leggen in een BLOG zodat iedereen die dat wilt, meer te weten kan komen over de wereld van martial-arts.
Veel plezier met het lezen van mijn BLOG.
Maarten Molenaar.
zondag, 04 juni 2017 11:50

Traditionele examinering

 De Shaolin Kempo Kung-fu stijl van onze school is de originele stijl van Sifu Gerard K. Meijers. Één van de eerste leerlingen van Sifu Meijers was Sifu George de Groot. Sifu de Groot gaf les aan Sifu Colin Jennings, die de oprichter is van onze school. Wij zitten dus heel dicht bij het vuur.

Na de oprichting van de stijl werd de E.N.S.K.B. (Eerste Nederlandse Shaolin Kempo Bond) in 1967 opgericht. In 1978 ging dit over in de S.K.O. (Shaolin Kempo Organisatie). Ook daar was Sifu de Groot lid van. In 1982 gingen de meeste Kemposcholen over naar de K.B.N. (Karate Bond Nederland) om officiële erkenning te krijgen. In 1985 werd het Kempo een officieel bestaansrechthebbende stijl.

De K.B.N. kreeg hierdoor ook invloed op de inhoud/vormgeving van de stijl. Veel leraren zagen veranderingen niet zitten en gingen weg bij de K.B.N. om solistisch verder te gaan. Zo ook onze school. Onze school is in de loop der tijd wel lid geweest van organisaties/federaties/bonden. Dit met name om kennisdeling, mogelijkheid tot afnemen extern dan-examen, opleidingen en wedstrijden. Op dit moment zijn we aangesloten bij de N.F.K. (Nederlandse Federatie Krijgskunsten). Hier zijn de dan-graden van in ieder geval de huidige Sifu (M. Molenaar) erkend. Wij sluiten geen andere organisaties uit, zolang wij maar onze eigen identiteit kunnen behouden.

Voordat ik verder ga wil ik eerst iets in een notendop uitleggen over de martial-arts in het verre verleden. Volgens de legende zijn de vechtkunsten ongeveer 2000 jaar geleden in China ontstaan. In deze tijd leefde er een Indische monnik, Bodhidharma of kortweg Daruma (Ta Mo in het Chinees), die in het klooster van Chaolin-Zsu de boeddhistische leer Dhyana (later Zen genoemd) onderwees. Daar zijn veel stijlen uit geboren. Die stijlen werden meestal in afgezonderde scholen (clans met aan het hoofd een familie) gegeven en doorgeven van vader-op-zoon. De stijl werd meestal niet graag gedeeld met buitenstaanders en daardoor min-of-meer geheim gehouden. Binnen de school groeide je als leerling. De meester van de school (Sifu) beoordeelde je en bepaalde wanneer jij verder kon naar het volgende niveau van training.

Het huidige banden systeem is daar ook van af geleid. Als nieuwe leerling heb je een schoon pak, toen afgeknoopt met een band. Deze was mooi wit. Na verloop van tijd werd deze steeds grauwer tot het zwarte aan.

De meester van de school bepaalde dus je niveau en erkende je in de kwaliteiten. Toen de oosterse vechtkunsten naar het westen kwamen werkte dit systeem niet. In het westen werden de stijlen vaak gegeven door westerlingen die in de leer waren geweest in het oosten. In het oosten waren de vechtkunsten onderdeel van de dagelijkse routine. In het westen was het een bijzaak, een passie, een weg en voor sommige een hobby. Als je 3x per week kon trainen was dat al veel. Om een leerweg te introduceren werd er naar analogie van de onderwijssystemen in het westen (leerjaren, examens, overgang) een systeem van banden ingevoerd. Elke band stond voor een strak omlijste hoeveelheid aan technieken, en aldus werd er een curriculum (graduatiesysteem) ontwikkeld. In het westen is de cultuur anders. Mensen hebben de behoefte om aan de buitenwereld te tonen wat ze kunnen, behoefte aan ‘externe erkenning’. Ook vonden sommige leraren hun stijl zo belangrijk dat zij de stijl wilden borgen. Wellicht waren er ook ‘ego’s’ die zich wilde profileren en aan het hoofd van de stijl wilden staan met verschillende scholen onder zich. Zij waren in hun ogen de ‘Guru’ en hadden daarmee het maximale behaald en volledige erkenning. Aldus zijn om één of meerdere van deze redenen organisaties ontstaan, zoals bonden. Ik wil niet te negatief overkomen, want eerlijke bonden hebben zeker veel voordelen voor scholen, maar in sommige bonden worden leraren gegradueerd naar hogere dangraden omdat zijn nog steeds lid zijn of zich op een andere manier hebben ingespannen voor de bond. Dit laatste is belangrijk om mee te nemen in de filosofie van onze school omtrent graduaties.

Met het voorgaande in het achterhoofd begrijpen onze leerlingen wellicht de beslissingen van onze school beter. En daar is ook dit BLOG voor.

Onze school hecht aan de traditionele Shaolin Kempo Kung-fu stijl. Wij willen daar geen veranderingen in. Wij zijn liefhebber van deze stijl en deze stijl is de reden dat wij bestaan. Een organisatie kan voordelen bieden maar ook nadelen. Wij willen zelf beslissingen nemen over onze leerlingen. Aan de andere kant staan wij open voor opbouwende kritiek en willen we ons verbeteren. Kennisdeling, externe opleidingen, wedstrijden, seminars en crosstrainingen zijn voorbeelden waarmee wij dit bewerkstelligen.
Onze leerlingen trainen minstens 7 jaar bij ons voordat zij hun zwarte band niveau halen. Zij willen geen examen bij onbekende examinatoren maar zoeken erkenning binnen de school, hun familie (zo zien wij dat). Onbekende examinatoren kennen de leerling niet, hun fysieke beperkingen, hun jarenlange gedisciplineerde training en hebben ‘de weg’ niet met hun afgelegd.

Door de strubbelingen met organisaties (zie eerder) hebben we daarom besloten om het curriculum van Bodhi Dharma vast te leggen in harde exameneisen. In onze uitwerking lopen deze tot 5e dan (25 jaar training). Hogere graduaties bestaan bij ons niet, dit past niet in onze denkwijze. Sommige leerlingen van ons kunnen de ambitie hebben om verder te willen, wellicht een andere stijl gaan beoefenen. Het is voor die leerlingen wellicht belangrijk om wel extern erkend te worden. Om die reden zijn wij wel aangesloten bij een organisatie die ons (eerder genoemde) voordelen bied en ook de leerling een extern examen kan afnemen.
Wij hanteren de traditionele vorm van examinering met als enige aanpassing het bandensysteem. Met respect voor onze grondlegger, Sifu Meijers, hanteren wij zijn systeem met zijn niveaus. Zo handelen we in de geest van ons oude familiehoofd.
Wel staan wij open voor bijwoning van ons examen van andere Kempo leraren. Dit omdat we altijd van iedereen willen en kunnen leren. We hebben in het verleden meerdere bevriende scholen gehad waarin dit mogelijk was. Zo heeft Sifu Colin Jennings examen gedaan in het gehele Kemposysteem voor een aantal van de toen hoogst gegradueerde Kempo leraren, waaronder natuurlijk Sifu George de Groot.

dinsdag, 28 februari 2017 11:36

Technieken naar de solar plexus, lever en nieren.

Solar Plexus

Het centrale zenuwstelsel bestaat uit onze hersenen en het ruggenmerg. Alles daarbuiten noem je het perifere zenuwstelsel dat bestaat uit een netwerk van zenuwen die naar organen en spieren lopen.

Solar Plexus of Plexus Solaris betekent zonnevlecht(centrum). De zenuwen lopen vanuit dit vlechtwerk als zonnestralen naar de organen van de buikholte (spijsverteringsstelsel, maag/lever/nieren/alvleesklier/galblaas enzovoorts). De Solar plexus vind je tussen je navel en onderzijde borstbeen. Het behoort tot het onwillekeurige zenuwstelsel m.a.w. deze sturen we niet met onze wil.

Een klap op de solar plexus kan enorm pijn doen. Als gevolg van de klap worden er signalen verstuurt naar de omliggende organen en het diafragma (middenrif). Die laatste raakt in een spasme of trekt samen, daardoor snak je naar adem.

Lever

De lever zuivert samen met de nieren het bloed en zet bepaalde stoffen uit eten en drinken om zodat ze in andere organen kunnen worden gebruikt. In de lever blijft ook een deel van de vetten en koolhydraten achter als energiereserve. De lever zorgt tevens voor de warmteproductie, in rust is het de blangrijkste warmtebron voor het handhaven dan de lichaamstemperatuur.

In rust pompt je hart zo’n 4 á 5 liter per minuut rond. Bij inspanning kan dit bij gevorderde sporters oplopen tot wel 40 liter per minuut! Hartslag gaat dus omhoog en als gevolg daarvan verwijden je bloedvaten.

Bij een klap op de lever, vervormt de lever met als gevolg interne drukverschillen en worden de zenuwen rondom de lever gestimuleerd. Die geven een (onterecht) signaal af aan het autonome zenuwstelsel. Hierdoor worden een aantal zaken in gang gezet:

Je hartslag verlaagt (als eerste reactie om de bloeddruk te behouden) en tegelijkertijd verwijden je bloedvaten in je lichaam (behalve die in je hoofd). Daardoor zakt je bloeddruk dramatisch. Als je bloedruk zakt dan probeert je lichaam je hartslag te verhogen. En dat gebeurt nu dus niet door de klap. Hierdoor komt het lichaam in een staat waarin het de bloedtoevoer naar de hersenen probeert te behouden. Het resultaat is dat je in elkaar zakt, je benen vallen letterlijk uit en in sommige gevallen kun je het bewustzijnverlies. Dit kan in theorie met alle organen gebeuren, alleen de lever is een heel groot orgaan wat onbeschermd in je buik ligt.

Nieren

Alles wat je drinkt gaat via de slokdarm naar de maag en darmen. Je darmen halen de bruikbare stoffen uit het vocht. Het vocht dat overblijft gaat naar de nieren. Die maken het schoon. De nieren zuiveren wel 200 liter bloed per dag. De bruikbare stoffen gaan terug naar het bloed en de rest plas je uit.

Een flinke klap op de nieren geeft een scherpere pijn dan een klap in de solar plexus. De directe gevolgen vallen op zich mee. De gevolgen naderhand kunnen veel groter zijn. Nierfalen kan optreden, bloed in de urine (scheur) en je kunt zelfs in shock raken. Dit kan levensbedreigend zijn. Daarom is een nierstoot verboden bij contactsporten zoals (kick)boksen.

Steken in de zij

Bij de bespreking van de solar plexus, lever en nieren hoort eigenlijk, in het kader van sport, ook de milt. Vaak hoor je bij steken in de zij dat iemand last van de milt heeft.

De milt verwijderd vreemde stoffen uit het bloed en verwijderd oude rode bloedcellen. In de milt worden plasmacellen (voor aanmaken antistoffen) gevormd.

Als je vlak na het eten gaat hardlopen kan dit de lever/maag/milt zodanig beïnvloeden dat ze verkrampen. Dit komt omdat bij inspanning de grote spieren meer bloed vragen dan normaal. De doorbloeding komt in het geding, bloedvaatjes krimpen, weefsel raakt minder doorbloed en je voelt een kramp. Dit zelfde effect kan optreden in het middenrif. Een steek in de zij komt dus niet per definitie van de milt.

zaterdag, 11 februari 2017 20:54

Terminologie

Shaolin Kempo Kung-fu is een oosterse zelfverdedigingskunst. Deze kunst bevat invloeden van Chinese-, Japanse- en Indonesische vechtkunsten.

Er is voor gekozen om grotendeels de (techniek) benamingen van de Japanse vechtkunsten te gebruiken. Met uitzondering van ‘Sifu’. Sifu betekent in het Chinees ‘meester’, letterlijk ‘vader’ en wordt bij het Shaolin Kempo Kung-fu gebruikt om het hoofd van de school aan te duiden. Sensei betekent in het Japans meester, dit wordt gebruikt om iemand aan te duiden die een meestergraad heeft behaald.

In deze blog ga ik niet alle benamingen opsommen. Alleen de belangrijkste. Vanaf blauw behoor je de meeste te kennen. Vanaf bruin moet je alles kennen.

SCHOOL

Sifu =

Hoofd van school. In de Chinese Wushu verhoudingen betekent het de vader.

Senpai/Sempai =

(letterlijk de oudere) Hulp-leraar, vanaf blauwe band.

Sensei =

meester

Kempoka =

Kempo beoefenaar

Tái jǔ =

respect tonen

Oss, osu =

(oesh) Groet, aangeven dat je iets begrepen hebt.

Wushu =

Krijgskunst, Wu = oorlog, krijger, gevecht, vechter /  Shu = kunst.

Kung-fu =

zeer grote vaardigheid

Shaolin =

Verwijzing naar een Chinese boeddhistische tempel.

BodhiDharma =

(482-539) Boeddhistische leermeester, introduceerde krijgskunsten in de

Shaolin Tempel om de monniken een betere fysieke conditie te geven en zich te kunnen verdedigen tegen bandieten. Één van de oudste gezegden van Shaolin is dat ‘iemand die een gevecht begint al onmiddellijk verloren heeft’.

Dojo =

Do betekent de weg, dojo betekent de plaats van de weg. Daar waar wij Kempo beoefenen.

Budo =

krijgskunst

Dan =

meestergraad

Kyu =

leerlinggraad

Tori =

verdediger

Uke =

aanvaller

Kempo Gi =

Kempo kleding

Obi =

band

Hajime =

start

Yame =

stop

Hai =

ja, of begrepen

Kiai =

Korte kreet bij krachtsexplosie (aanvallend), wij roepen ‘TJAAASSS’. Ki = energie / Ai = samenkomen.

Seiza =

kniezit

Waza =

basistechniek, zo heb je b.v. Ukemi-waza, Tsuki-waza, Geri-waza en Uke-waza.

Ukemi =

valbreken

Tameshiwara =

breektesten

Randori =

vrij gevecht

Henka =

variant

Bunkai =

Vertaling/uitleg/studie van een specifieke techniek (reeks) van een Kata/Saifa.

Enbu =

demonstratiegevecht

Saifa =

(letterlijk vernietigende slagen) Stijloefening (Chinese invloed)

Kata =

stijloefening, loopvorm, Japanse invloed

Kumite =

partneroefeningen (ook wel sparren)

Dachi =

stand

Geri =

trap

Tsuki =

stoot

Uchi =

slag (bij weringen, binnenkanthandblok)

Uke =

blok

 ALGEMEEN (DACHI, UKE, TSUKI, UCHI, GERI)

Mae =

voorwaarts

Yoko =

zijwaarts

Mawashi=

rond

Age =

opwaarts

Oroshi =

Neerwaarts (Otoshi = vallend, b.v. hamertrap)

Soto =

van buiten naar binnen

Tate =

recht

Ura =

tegenovergesteld

Mikatsuki =

cirkelvormig

Oit =

voor

Gyaku =

vanuit achter

Ushiro =

achterwaarts

Tobi =

gesprongen

Gedan =

laag

Chudan =

midden

Jodan =

hoog

Hidari =

links

Migi =

rechts

Taisabaki =

lichaamsverplaatsing

 STANDEN (DACHI)

Musubi =

V

Heiko =

parallel

Heisoku = 

parallel met voeten tegen elkaar

Kiba =

paardrijd

Kake =

schaarstand

Sanchin =

zandloper

Zenkutsu =

breed

Kokutsu =

achterwaarts

Nekoashi =

kat

Shorinji =

stand uit het Shorinji Kempo

Tsuru-ashi =

kraanvogel

Shiko =

twee keer schouderbreedte met voeten naar buiten

Jiyu Kamae =

vrije gevechtshouding

TSUKI en UCHI (STOTEN EN SLAGEN)

Morote =

dubbel (naar zelfde doel)

Yama =

dubbel (naar verschillend doel)

Hiraken =

vingerknokkels

Shotei =

handpalm

Atame =

hoofd

Tetsui =

hamervuist

Haito =

binnenkanthand

Oyayubi-ipponken =

Duimknokkel

Nukite =

steek (ippon = 1 vinger, nihon = 2 vingers, yonhon = alle vingers)

Uraken =

buitenkanthand

Toho =

openhand

Shuto =

meskanthand

Empi =

elleboog

Tora Mae-ashi =

tijgerklauw

Yubi Patchin =

vingerslag (snap)

Oyayubi-Togari =

duimsteek

Keiko =

kippensnavel

Seiken =

voorste twee knokkels

UKE (WERINGEN)

Nagashi =

openhand

Gedan barai =

naar beneden

Juyi =

gekruist

Koken =

pols

Ude =

onderarm

GERI (TRAPPEN)

Kin =

voorwaarts met de wreef

Haisoku =

binnenkantvoet

Ashi-Barai =

veeg, Ashi = voet

Fumi-Komi =

stamp

Kansetsu =

trap naar de knie

Hiza =

knie

Sokuto =

van binnen naar buiten

Kekomi =

stotend

Geake =

‘snap‘

Kubi =

met wreef

Koshi =

met bal van voet

Kakato =

met hak

TELLEN

1 =

Ichi (ietsj)

2 =

Ni (nie)

3 =

San (san)

4 =

Shi (sjie)

5 =

Go (goo)

6 =

Roku (rok)

7 =

Shichi (sietsj)

8 =

Hachi (hatsj)

9 =

Ku (koe)

10 =

Ju (djoe)

Shodan =

eerste

Nidan =

tweede

Sandan =

derde

Yondan = 

vierde

Godan =

vijfde

Rokudan =

zesde

WAPENS

Bo =

lange staf

Bokken =

houten oefenzwaard

Katana =

Japans zwaard

Sai =

drietand

Tonfa =

houten handvat van de rijstmolensteen / politiestok

Nunchaku =

dorsvlegel (wurgstokjes)

Kama =

sikkel

Jo =

korte stok 130cm (hanbo 90 cm)

Tanto =

(klein) mes

Tambo =

wapenstok (30-35 cm, Escrima stok 66cm Filipijns)

dinsdag, 07 februari 2017 16:45

Positieve agressie

Tijdens onze lessen geven we vaak aan dat we positieve agressie willen zien. We willen zien dat iemand de technieken ‘meent’ en niet alleen een kunstje uitvoert. Hierbij is de expressie en intensiteit van belang.

Maar wat is nu positieve agressie? Positief impliceert dat er ook negatief is.
Positieve agressie is effectief handelen met als doel om een situatie te beheersen.
Iemand die zelfverdedigingssporten beoefent moet zichzelf kunnen beheersen, zowel fysiek als mentaal. In een conflictsituatie kunnen we onszelf opladen. Dit kan positief of negatief.

Positief: alertheid, overzicht, handelingsbereidheid, controle, beheersing, proportioneel handelen.
Negatief: woede, overheersen, imagoschade voorkomen, stoerheid, laten zien wie de baas is.

Met positieve agressie straal je rust en kalmte uit, kom je zelfverzekerd over, laat je zien dat je de situatie wilt oplossen maar laat je ook zien dat je grenzen stelt. Belangrijk verschijnsel bij negatieve agressie is ‘(negatieve) Agressie roept altijd agressie op!’

Als je de ander laat weten waarom je iets niet wilt, dat je geen intenties tot geweld hebt, dat je de situatie wilt oplossen maar dat je wel grenzen stelt ben je assertief. Als een ander je te lijf gaat met fysiek geweld en je handelt evenredig, dus iemand die op je afstormt stop je stevig af, of iemand die jou duwt geef je een flinke duw terug, dan handel je proportioneel. Als iemand je slaat pas je datgene toe wat in alle redelijkheid nodig is om de situatie te controleren.

De uitstraling die je hierbij hebt is ook een vorm van positieve agressie. Je laat zien beheerst te zijn maar dat je doelgericht bent en niet over je heen laat lopen. Als je gepast geweld moet toepassen doe je dat met overtuiging.

Dit laatste is iets wat we in de trainingen terug willen zien. Je voert een combinatie van technieken vol overgave uit en hebt hierbij de juiste uitstraling, d.w.z. zelfverzekerd, krachtig en beheerst.

maandag, 08 augustus 2016 12:13

Belangrijke eenheden die iedere vechtsporter moet kennen

Vaak krijg ik tijdens trainingen de vraag over hoeveel een ounce (oz) is of hoeveel gram een lbs (pound) is. 
Ik voeg daaraan toe enkele belangrijke maat eenheden. Een sporter zou het volgende moeten weten (alles afgerond):

1 ounce = 28 gram.
1 lbs = 450 gram. 2.2 lbs = 1 kg.
Bokshandschoenen van 16 ounce wegen afgerond 450 gram = 1 lbs.

1 inch = 2,5 cm
1 foot = 30,5 cm.

Afhankelijk van gewicht en handomvang is de stelregel voor kickbokshandschoenen:

Kinderen 6, 8 of 10 ounce.
Vrouwen 12 ounce.
Mannen 12, 14 of 16 (18) ounce, onder de 70kg kies je voor 12 of 14 ounce. Onder de 80 kg voor 14 ounce, boven de 80 kg voor 14 of 16 ounce.

Een handschoen die zwaarder is, is ook groter. Kijk dus ook wat comfortabel zit (met bandages). Een zwaardere handschoen is ook dikker. Meestal staat je lichaamsgewicht in relatie tot je stootkracht. Als je een behoorlijke stootkracht hebt dan moet je met niet te lichte handschoenen sparren (minstens 14 ounce). Dit om ook je sparringspartner te sparen.
Je kunt ongeacht je gewicht ook variëren met de zwaarte van handschoenen. Als je op kracht en uithoudingsvermogen wilt trainen dan pak je juist wat zwaardere handschoenen, wil je snelle combinaties oefenen op een stootzak dan kies je voor lichtere handschoenen. Zorg wel dat de handschoenen altijd dik genoeg zijn om blessures in de handen te voorkomen. Als je langdurig hard op een zware stootzak stoot met 12 inch handschoenen dan vormt dit een hoog risico op een blessure. 

zaterdag, 11 juni 2016 13:27

Discipline, mentaliteit en Kung-Fu

Wat hebben de Chinese theeceremonie en de Chinese kaligrafie te maken met kung-fu? Het zijn traditionele kunsten die in perfectie worden uitgevoerd. Keer op keer wordt er gestreefd naar een zo hoog mogelijk niveau, het is een kunst.

Dit zien we ook terug in de oosterse gevechtskunsten, niet iedereen begrijpt dit altijd en heeft daardoor niet altijd de juiste mind-set. Een stijl als onze Kempo stijl bestaat uit vaste onderdelen.
De banden en examens dienen als doelen om jezelf te verbeteren. Voor elk niveau moet je een aantal nieuwe stijlonderdelen op een voldoende niveau beheersen en, en daar zit een belangrijk aandachtspunt in, eerdere geleerde stijlonderdelen beter leren beheersen.
Geloof mij, er is altijd ruimte voor verbetering. Vaak hoor je een leerling zeggen 'ik ken dit al'. En dat klopt helemaal, ze kennen de techniek en denken daarmee er te zijn. De techniek beheersen en in diverse situaties kunnen uitvoeren vergt echter veel meer inspanning.
Dit betekent dat je die eerste Ippon Kumite moet blijven herhalen en moet blijven proberen te verbeteren. In het begin leer je een relatief groot deel van de techniek, later moet je meer focussen op details. De leercurve is dan veel vlakker en het vergt een ijzeren discipline om je dan toch te blijven inspannen.
Als je bereid bent deze inspanning te leveren kun je een voor jezelf ongekend niveau bereiken. Daarnaast werk je aan een goede mentaliteit die je niet alleen bij jouw trainingen kunt gebruiken. In de rest van je leven wordt je daadkrachtiger en fysiek en mentaal sterker.
Om bij de Kumite te blijven een paar voorbeelden:
- de grof motorische beweging wordt aangeleerd;
- de individuele technieken (standen, blokken, stoten, trappen, overgangen) worden geautomatiseerd;
- door snelheid wordt steeds meer verhoogd;
Nu denken de meesten leerlingen dat ze de techniek kennen!
- kleine details worden verbeterd: stand van de voeten, de juiste hoogte (raakpunten), de lichaamshouding in overgangen, de spanning en ontspanning van spieren;
- door ademhaling wordt niet meer techniek voor techniek maar economisch verdeeld over de technieken met accentpunten voor de Kiai;
- Kime wordt verder aangescherpt;
- De fysieke conditie wordt beter waardoor de snelheid nog meer toeneemt, meer kumites achter elkaar gemaakt kunnen worden zonder te stoppen...;
- Door toevoeging van spelvormen (kussens, pantsers, Randori, planken) worden de technieken realistisch toepasbaar vanuit verschillende situaties.
Om dat je daarna ook weer nieuwe stijlonderdelen leert wordt onderhoud belangrijk. Door minder trainen krijg je terugval, vergelijkbaar met het reversibiliteitsprincipe bij krachttraining. Blijven herhalen is daarom belangrijk.
Hier komt de mentaliteit sterk om de hoek kijken, de leraar geeft aan dat je bepaalde (vaak) eerder beoefende stof weer moet herhalen. Denk je dan 'Pff daar gaan we weer' of 'Ik ken dit al, waarom moet dat nou?' dan beschik je over de verkeerde mentaliteit.
Denk je 'Oke, nu nog beter en sneller' dan beschik je over de juiste mentaliteit. Ze zeggen wel eens 'de stoot die 1000000x wordt uitgevoerd is beter dan de stoot die 100000x wordt uitgevoerd'. De gedachte die hieronder ligt kan ik gemakkelijk uitleggen: 'Zorg dat je nooit een hamervuistslag krijgt van een stratenmaker!'.

woensdag, 01 juni 2016 13:25

Kime

Afgelopen maandag hebben we in de training gelet op de juiste toepassing van Kime tijdens het uitvoeren van combinaties. Ik heb uitgelegd wat Kime in de training voor ons inhoud. In deze blog geef ik daar een korte samenvatting van.

Kime is een afgeleide van Kimeru. Dit betekent beslissen. In het Shaolin Kempo Kung-fu betekent het o.a. 'het beslissende moment'. Dit beslissende moment kan samengaan met een Kiai.
Kime kun je ook vertalen in 'focus' en 'power'. Door toepassing van Kime komt een combinatie in Kihon b.v. overtuigend over. De leerling concentreert zich op de combinatie en streeft naar perfectie. Er wordt diep ingeademd en op het commando om de combinatie uit te voeren wordt de ademhaling op de juiste manier verdeeld. Licht uitademen tijdens de inleidende technieken en krachtig uitblazen tijdens de vernietigende techniek. De laatste techniek kan ook bedoeld zijn om de absolute controle en beheersing over de techniek te tonen. Stel de laatste techniek is een Yoko-geri. Het lichaam wordt op het laatste moment aangespannen, de bovenbenen, de buik en het boven lichaam worden aangespannen. De trap wordt uitgevoerd en vastgehouden op het eindpunt. De leerling staat stil en toont met het gestrekte been en een perfect ingedraaide meskant voet de absolute spiercontrole. Ook dit is Kime. Kime kost veel energie. Een onderdeel van het eerste Dan examen binnen onze school is de meester Kumite(s). Daar draait alles om Kime. Dit is dan ook een slopend onderdeel, 10 Kumites moeten links -en rechtsvoor meerdere malen uitgevoerd worden op snelheid, perfectie en op focus. De focus uit zich onder andere in de gezichtsuitdrukking en houding van de leerling. Iemand die Kime op de juiste manier toepast komt overtuigend over en straalt een soort van meesterschap uit.

 

zaterdag, 09 april 2016 15:45

Stijltraining - de weg naar perfectie!

Traditionele vechtkunsten, als Shaolin Kempo Kung-fu, onderscheiden zich door een grote focus op stijlgerichte training. Niet altijd is het voor de beginnende leerling duidelijk waarom op deze wijze getraind wordt en wat het directe verband is met zelfverdediging.
Je kiest voor een stijl omdat je dit mooi vind en je de stijl wilt leren beheersen, en daarmee ook je lichaam en geest. Immers, om de stijl te beheersen heb je een enorm doorzettingsvermogen en hoge mate van discipline nodig. Je moet kritisch zijn op jezelf en er telkens naar streven beter te worden. Zelfs een meester die jarenlang traint, zoals ik, kan blijven verbeteren. Door de continue traiining en verleggen van je fysieke grenzen dwing je jouw lichaam om aan te passen. Daarom kun je niet even snel in een jaar of twee een zwarte band halen. Je lichaam past zich gedurende de jaren aan en geeft je telkens weer mogelijkheden om verder te groeien.
Wat is nu de mapping naar zelfverdediging? Je leert sowieso technieken die je direct proportioneel kunt toepassen. Denk aan een Zenkutsu-dachi (stevige brede stand), Morote Uke (ondersteunde krachtige blok), Tetsui-uchi (hamervuistslag) of Kin-geri (trap naar het kruis). Maar waarom moet ik een Nekoashi-dachi (katstand leren) of een Koken-uke (pols blok)? Je zult nooit in een echt gevecht afwachtend in katstand gaan staan en misschien is de Koken-uke niet een voor de hand liggende blok. Het antwoord is simpel, standen die je leert zijn vaak overgangen in een gevecht. Bijvoorbeeld iemand dwingt je naar achter. In plaats van naar achter te gaan verplaats je het gewicht op het achterste been en maak je hierdoor eenvoudig in een korte ruimte een krachtige hoge Jodan Mae-geri (hoge voorwaartse trap). In een kleine ruimte is een Age-uke (hoge horizontale blok) moeilijk toe te passen. De Koken-uke, al dan niet perfect uitgevoerd, kun je eenvoudig langs je lichaam omhoog halen. Omdat je gewend bent deze beweging te maken zal de blok in veel gevallen afdoende zijn. Je leert daarnaast nog veel technieken die stijltechnisch zijn maar zeker nut hebben. Afwisselende lage en hoge standen leren je technieken vanuit alle mogelijke posities uit te voeren. En daar zit de kern! De veelheid aan technieken uit een stijl leren je honderden technieken toe te passen vanuit honderden posities. Of je in een echt gevecht dit perfect uitvoert of niet, je bent getraind om je balans te bewaren en alle lichaamsdelen tot wapen in te zetten.
Volg niet blindelings je leraar, luister wel naar zijn of haar opmerkingen maar bedenk vooral zelf waarom je iets oefent en welke voordelen het biedt. Buiten dit alles om is het natuurlijk ook een artistiek hoogstandje, een meester die, die in de ogen van de leerling, alles perfect op snelheid uitvoert. Waarom in de ogen van de leerling? Omdat ook de meester altijd kritisch op zichzelf is.

zondag, 14 februari 2016 14:40

Conditietraining

Sommige leden die al een tijdje trainen hoor je op een gegeven moment zeggen '..... ik ga hardlopen....om af te vallen of de conditie te verbeteren....'
Vaak zijn mensen erg fanatiek als ze aan iets nieuws beginnen, na verloop van tijd passen ze het in  hun wekelijkse routine in en wordt het meer een vanzelfsprekendheid. 
Soms zie je dan dat de inzet tijdens de training iets terugvalt en er een soort van baseline ontstaat die lager ligt dan zou moeten. De wil om te trainen blijft maar mensen komen weer wat aan in gewicht of vallen wat terug in conditie. Bij vechtkunsten neemt de inhoud toe, anders dan bij veel andere sporten. Je moet meer-en-meer bereiken. Leden zien op een gegeven moment in dat het lastiger wordt qua conditie. Het eerste wat bij ze opkomt is extra trainen, in de vorm van b.v. hardlopen. Hier schuilt een groot gevaar in. Mensen hebben al moeite om de normale trainingen met een strakke regelmaat te volgen, immers onze tijd is kostbaar en vaak zijn we moe na een dag hard werken. Vanuit het enthousiasme willen ze graag iets extra's doen. Dit zie je ook vaak bij goede voornemens aan het begin van het nieuwe jaar. Een extra training is een enorme belasting. Het gevaar zit hem vooral in het feit dat je door de extra belasting jezelf mentaal kan overtrainen. Je hebt nergens meer zin in, ook niet in de reguliere trainingen. Als je dan afhaakt is het moeilijk om weer in het gewone ritme te komen. Je moet je ook af vragen of dit wel nodig is...... ik denk van niet.
Een vechtsport(kunst) kent vele onderdelen waarin je juist de conditie goed traint. Naast de pittige conditietrainingen aan het begin van de les, wordt ook tijdens de techniektrainingen veel van je gevraagd. Het ultieme doel is je technieken op gevechtssnelheid te kunnen uitvoeren. Je hebt naar mijn mening geen extra training nodig om af te vallen of een betere conditie te krijgen. Sterker nog, hardlopen sluit niet aan bij het soort uithoudingsvermogen dat je nodig hebt voor een martial art. Het voegt natuurlijk wel iets toe, maar niet primair. Als je 2x per week intensief traint zet je al je energiesystemen in je lichaam aan het werk. De training valt onder de zogenaamde intervaltrainingen. Hoge pieken met korte pauzes. Loop de saifa's of kata's maar eens een paar keer op vol tempo, of voer een aantal kumites achter elkaar op gevechtssnelheid uit. Je merkt dat je hartslag gelijk enorm omhoog gaat en dat je telkens even nodig hebt om bij te komen. Met andere woorden: de training heeft al alles in zich om je conditie te verbeteren. Groot voordeel is dat je de specifieke conditie traint die je nodig hebt in je sport en dat je geen extra dag in de week hoeft op te offeren. Ga voor jezelf maar eens na of je na elke les een kletsnat pak hebt...... heb je dat niet dan heeft een extra training in de week ook geen zin. Zorg eerst maar eens dat je tijdens elke les jezelf voor 100% in zet, dan pas kun je bedenken of een extra training zin heeft en je daar ook de tijd voor over hebt.

dinsdag, 09 februari 2016 16:54

De weg naar zwart

Je hoort vaak 'ik train niet voor banden' of 'wij zijn een vechtsportschool zonder banden of hiërarchie'. Bij Shaolin Kempo Kung-fu en Dju-Su binnen onze school werken we juist wel met banden. Het klopt dat heel vroeger scholen een soort van internaat waren, waar vechtkunsten een dagelijks onderdeel waren. Ook waren er families die stijlhouder waren van een specifieke vechtkunst. In die tijd waren banden niet nodig, de leraar/meester zag zijn leerlingen dagelijks en bepaalde zelf wanneer een leerling toe was aan 'hogere' stof. Vaak wordt aangehaald dat vroeger een beginnende leerling een pak droeg met een schone band. Het pak werd gewassen maar de band niet, net als dat wij geen riemen wassen. Als de leerling in de loop der jaren steeds verder vorderde, werd de band steeds donkerder van kleur. Toen rond 1900 de oosterse vechtkunsten naar Europa kwamen, ontstonden ook de eerste scholen. De leerlingen uit Europa hadden niet veel tijd, onze cultuur was anders, de samenleving werkte anders dan in landen als China. De meeste mensen konden maar een paar keer per week trainen. Daarnaast was het in onze cultuur de gewoonte om een diploma te behalen voor iets waar je jezelf in bekwaamd had. In die filosofie past een bandensysteem prima. Aan banden zijn graduatieniveaus gekoppeld, waar vastgestelde eisen aan verbonden zijn. De leerlingen kunnen in de beperkte doordeweekse tijd doelgericht trainen. De leraar kan zo meten of de leerling een betreffend niveau waard is. Daarnaast geeft het diploma een bewijs van bekwaamheid (indien juist toegepast). Nog een bijkomend voordeel is dat dit systeem ons in staat stelt om hoger gegradueerden lagere gegradueerde groepen les te laten geven. De leraar heeft immers niet zo veel tijd als de leraren vroeger om iedereen continu te begeleiden. Ook de opstelling in de les (van voren van hoog naar laag) stelt een lager gegradueerde leerling in staat om naar een hogere gegradueerde (af) te kijken. De banden zijn gekleurd van wit naar zwart, dit naar analogie van de steeds viezer wordende band vroeger.

Beginners hebben de witte- en de gele band. Half gevorderden oranje en groen. Gevorderden blauw en bruin. Beginners kunnen prima volstaan met de doordeweekse trainingen om te vorderen. Half gevorderden zullen al iets meer discipline op moeten brengen om onderdelen waarin ze achterlopen in hun eigen tijd af en toe extra door te nemen. Gevorderden zullen in hun eigen tijd regelmatig moeten trainen, minstens 1x per week extra, om een volgend niveau te kunnen behalen. Vanaf bruin 3 naar zwart moet je nog meer aan de bak. Twee extra trainingen per week zijn noodzakelijk om in die 1.5 jaar alles op hoog tempo met een hoog perfectieniveau te kunnen uitvoeren.

Omdat de meeste leerlingen bij onze school een druk bestaan hebben is het logisch dat niet iedereen die extra tijd constant kan opbrengen. Daarom heeft onze school extra trainingen. Tijdens vakanties (ook zomervakanties) wordt er (vrijblijvend) door getraind. Die trainingen richten zich volledig op de hogere stof. Soms worden er extra trainingen gegeven als daar door een wat grotere groep behoefte aan is. 

De weg naar zwart is er één die veel (zelf) discipline vraagt. De leraar biedt je de stof aan en zal je motiveren maar het meeste moet uit jezelf komen. Wat je er aan over houdt? Een trots gevoel doordat je iets bereikt heb, een goede conditie door de regelmatige steeds zwaarder wordende trainingen, een optimaal resultaat en zelfverzekerdheid door te ontdekken waar toe je zelf in staat bent als je ergens echt je zinnen op zet. Dat pakt niemand je nooit meer af!

 

 

BODHI DHARMA

Martial-arts school Bodhi Dharma
Kvk nr. 65484223
 

 
 

Contact

Erkend stagebedrijf

Layout Type

Presets Color

Background Image